Skip links
Jochen Otten

‘Tis goei volk, die Tilburgers’

Share

Jochen Otten is een vlotte prater en hij kan goed associëren. Na menig vraag volgt een antwoord dat niets met de vraag te maken heeft. Maar hij luistert ook goed en stuurt zichzelf steeds weer bij. En zo werd het een levendig gesprek van ruim 1,5 uur op het terras van Boven & Benee, de horecazaak bij Theater & Concertzaal Tilburg.

 

Tekst: Sara Terburg – Fotografie: Thomas Segers

 

Jochen groeide op in Loon op Zand. Als 12-jarige trapte hij door zon, regen en sneeuw naar de middelbare school in Tilburg. ‘Op een gewone fiets.’ Na een jaar op de Norbertusmavo stapte hij over naar de havo-afdeling van het toenmalige Pauluslyceum.

Na jouw studie Nederlands ga je als docent aan de slag en studeer je aan de Kleinkunstacademie in Den Bosch. Hoe combineerde je beide?  

‘Kleinkunst was een parttime maar intensieve opleiding. We bezochten 80 theatervoorstellingen per seizoen. Na elke voorstelling was er een nabespreking met de cabaretiers of acteurs. Ik leerde veel over het maken van voorstellingen. Was vooral onder de indruk van Kommil Foo, Youp van ’t Hek, Oscar Siegelaar en Stef Bos. Maar je vroeg hoe ik dit combineerde met het lesgeven! Het lesgeven bouwde ik al snel volledig af. Nederlands is een ingewikkeld vak om te geven. Je moet veel lezen, opstellen corrigeren, de actualiteit bijhouden en veel voorbereiden.’  

Waarom koos je voor de Kleinkunstacademie?

‘Als student aan de Fontys-lerarenopleiding Nederlands speelde ik al. Samen met studiegenoot Bram Jansen vormde ik een cabaretduo. Onze eerste voorstelling was in Theater de Nieuwe Vorst. We voerden onze voorstelling slechts drie keer op, deden zelf de kaartverkoop. Ik besefte nog niet dat je er je beroep van kon maken en vond de toneelschool iets voor rare mensen. Mijn ouders zijn beiden heel gesloten. Expressief zijn voelde voor mij niet veilig, maar het trok me wel … misschien doordat ik het thuis niet meekreeg?

Toch moest je juist dat leren, hoe ging dat?

‘In de lessen ging het veel over gevoelens, over waar jouw pijn en verdriet zitten. Zo leerde ik mezelf doorgronden. We moesten dit gebruiken om materiaal te schrijven en aan elkaar, en aan publiek, te laten zien. Kort samengevat heb ik vier jaar lang toneeloefeningen gedaan waardoor ik mijn gêne verloor en leerde zeggen wat ik echt vond. Door te spelen in de veilige setting van mijn klas durfde ik impulsiever en steeds eerlijker te reageren. Ik leerde dat verdriet wegdrukken niet helpt, dat je open moet staan om echt te voelen dat je leeft. Jezelf laten gaan is moeilijk en daarom herkent mijn publiek zich zo in mijn opgekropte woede. We hebben allemaal frustraties die we niet tonen. Op het podium doe ik dat juist wel. En dat is interessant; zo’n onaangepaste man met een probleem. En laat ik daar nou mijn hele jeugd op geoefend hebben … op dat bijna ontploffen!’    

Jochen Otten

Van 2006 tot 2018 woon je in Amsterdam. Hoe trof je Tilburg bij terugkeer aan?

‘Ik ben trots op hoe de stad veranderd is en nog verandert. Het wordt hier steeds kosmopolitischer. En Tilburg is de kunsthoofdstad van het Zuiden. We hebben zoveel creatieve opleidingen in toneel, muziek, dans, beeldende kunst. In Tilburg is het te doen. Amsterdam is goed geweest voor mijn carrière … audities voor films vinden er plaats en de Comedytrain waar ik veel speel, zit er. Ik woon nu tien jaar op dezelfde plek in Tilburg. In een fijn huis; koel in de zomer, comfortabel in de winter. Mijn auto staat op mijn eigen oprit. Ik wil er nooit meer weg.’   

Waar kom jij graag in Tilburg?

‘Ik kom door heel de stad. In het centrum als mijn dochter bijvoorbeeld naar de Hema wil en op het Wagnerplein in Noord voor haar basketbaltraining. Op de mountainbikeroute in Stadsbos013 ben ik veel te vinden. En in de Warande, waar ik vlakbij woon, wandel ik vaak. Bij koffiecafé Buutvrij in de Stationsstraat zit ik regelmatig te schrijven. Deze plek trekt allerlei mensen; van verschillende nationaliteiten, leeftijden en genders. Ik word er zelden aangesproken, dat werkt wel zo prettig. Tis goei volk, die Tilburgers. Ze staan met beide benen op de grond. Ze kijken niet op anderen neer en niet tegen anderen op, dat is tof. Ik vind het altijd leuk als mensen met me op de foto willen, geeft toch een soort bevestiging. Maar als ik ergens aan een zwembad lig en iemand vraagt om een selfie dan kleed ik me wel eerst aan.’

Voor jouw tijd in Amsterdam keek je neer op stand-up comedy, waarom?

‘Ik trok naar Amsterdam vanwege de kunstenaarsromantiek. Loop je daar het station uit dan ervaar je een echte grote stad. De Uitmarkt vindt er plaats. Er wonen zoveel artiesten. Er zijn wel twintig podia. Tot mijn komst naar Amsterdam dacht ik dat ik diepgaande kunst moest maken. Maar door naar stand-up comedy te kijken, ontdekte ik de kracht ervan en dat het een kunst is om iets zo te formuleren dat mensen erom lachen.’

Wat voor grappen breng jij?

‘Als je een slechte grap goed vertelt dan lachen mensen ook, maar ik kan dat niet. Mijn grappen kloppen op papier ook. Ik breng losse grappen die aan mijn karakter en wereldbeeld gelinkt zijn. Ik maak grappen die ik zelf grappig vind, grappen die mij raken. Er zijn comedians die grappen jatten van Amerikaanse collega’s. Dat vind ik dus helemaal niets.’

Je zegt dat je op het podium wel overdrijft, maar nooit liegt … hoe werkt dat?

‘In een van mijn shows vertel ik over mijn dochter. Ze zit nu in de brugklas. In mijn grap zit ze in groep 5. Aanleiding is dat ze me vertelde soms het toilet niet af te durven. Een van haar klasgenoten hitste andere kinderen op om haar te meppen. Ik werd hé-le-maal gek! In mijn show vertel ik dat ik de klas instap, die jongen aanspreek en agressief word. In het echt ging het anders. De juf loopt naar me toe, neemt de tijd voor me en legt uit hoe ze de kwestie aanpakt. Ik keer gerustgesteld huiswaarts. Als ik me dit voorval herinner, tijdens het schrijven van een voorstelling een paar jaar later, realiseer ik me wat een lompe vent ik was om zo die klas in te stappen. En ik stel me voor wat er gebeurd had kunnen zijn als de juf er niet geweest was … zo ontstaat een grap. Ik vergroot karaktertrekken uit en toon dat ik soms moeite heb met het leven. Al mijn grappen zijn in de kern waar, maar sterk uitvergroot.’

Je zet uiteenlopende typetjes neer in Sluipschutters, acteert in films en series en bent stand-up comedian. Wat doe je het liefste?

‘Ik heb het beide nodig; acteren en stand-up. Ik vind het lekker om mijn levensverhaal te delen met het publiek. En mensen horen lachen is zo leuk! Maar alleen op tournee is eenzaam. Sluipschutters maak ik samen met mijn vrienden Leo Alkemade, Bas Hoeflaak en Ronald Goedemondt. De nadruk ligt op plezier, op de chemie tussen ons, op flauwekullen. We zijn nu bezig met het schrijven voor het volgende seizoen dat in 2026 wordt uitgezonden. Ik schrijf nu iets over jeu de boules en de zwerver komt terug. Binnenkort lezen we de eerste scènes aan elkaar voor. De ene keer lachen we dan uitbundig, de andere keer zijn we heel gefocust. Lachen is dan niet nodig. Aan een korte blik van de anderen heb ik dan genoeg om te weten of iets werkt of niet. Ons doel is altijd om zo snel mogelijk naar de grap te gaan dus daarom zitten er altijd zoveel scenes in één aflevering.’

Wat zou je nog willen doen?

‘Een dragende rol spelen in een film. En met Sluipschutters een grote voorstelling maken met een tour en eindigen in de Ziggo Dome. Met mijn carrière gaat het nu heel goed. Steeds meer Sluipschutterfans weten dat ik een eigen stand-up comedy tour heb. Mijn bekendheid is enorm toegenomen door mijn deelname aan Expeditie Robinson in 2023. Ik zou graag eens drie avonden achter elkaar in de grote zaal in Tilburg of Breda staan. Want dan ben je ergens qua bekendheid.’   

 

Jochen Otten

En in je privéleven?

‘Ik ben niet samen met de moeder van mijn dochter. Een intact gezin is mislukt en ga ik niet meer meemaken. Daarin ligt voor mij een onoplosbaar verdriet. Ik heb gelukkig een erg goede band met mijn dochter en kan het inmiddels ook weer goed vinden met haar moeder. We wonen vlak bij elkaar. Vrienden zeggen regelmatig dat ik de ideale situatie heb. Ik houd ook erg van alleen zijn, dus misschien is dit wel de ideale situatie voor mij. Daar ben ik nog niet uit.’

 

Jochen Otten (52) samengevat

-geboren in Tilburg, opgegroeid in Loon op Zand

-werkt na een studie Nederlands als docent op onder andere het Odulphus Lyceum in Tilburg

-wint in 2003 de publieksprijs op cabaretfestival Cameretten

-speelde veel bij Comedytrain, schreef voor tv-programma Dit Was Het Nieuws, was columnist bij radioshow Spijkers met Koppen en lid van het cabaretpanel van Vrijdagmiddag Live op Radio 1

-vanaf 2013 maakt Jochen Otten Sluipschutters, een programma vol sketches over absurde situaties op vaak alledaagse locaties. Te zien bij BNNVARA en op YouTube

-speelt Meester Hank in drie Mees Kees-films en in twee Mees Kees-series

-was columnist in de radioshow van Barry Paf op 100%NL

-tourt tot en met 2026 door Nederland met ‘De kwaadste niet’ en is in 2026 te zien in de serie Bovensloters op POWNED

Ambassadeur Instituut Verbeeten

Jochen is sinds begin 2025 ambassadeur van Instituut Verbeeten. Vanuit vestigingen in Tilburg, Breda en Den Bosch biedt deze instelling radiotherapeutische zorg, zoals bestralingen aan mensen die kanker hebben. Het doet ook veel onderzoek om de zorg aan patiënten te verbeteren. ‘Ik zeg vaak ja tegen goede doelen. Daar zit geen plan achter, komt het uit en heb ik zin dan zet ik me in. Ik check wel of de inkomsten die ik binnenbreng naar het doel gaan en niet aan iemands strijkstok blijven hangen. Mijn inzet voor de Verbeeten Challenge heeft ook een persoonlijke reden. Toen ik 10 jaar oud was, is mijn twee jaar oudere zus overleden aan kanker. Onderzoek doen helpt de zorg vooruit, want de vorm van Hodgkin waaraan mijn zus leed, is nu vaak wel te genezen. Het Verbeeten deelt onderzoeksresultaten met andere zorginstellingen. Dat vind ik sympathiek. En het is nog een regionale organisatie ook.’  

In maart organiseerde je een benefietcabaretavond in theater Aan de Parade in Den Bosch. Niet alleen jij, ook collega’s Guido Weijers, Leo Alkemade, Theo Maassen en Rob Scheepers traden belangeloos op. Hoe kreeg je dat voor elkaar?

‘Ze zeiden alle vier meteen ja. Ik heb dus leuke vrienden die net als ik bereid zijn zich in te zetten voor een mooi doel. Op 29 maart 2026 organiseer ik weer een benefietavond voor het Verbeeten, dit keer in de grote zaal van het Chassétheater in Breda. Dit keer breng ik Henry van Loon, Wina Ricardo, Ronald Goedemondt, Björn van der Doelen en René van Meurs mee. De ticketverkoop start eind januari 2026. We hopen natuurlijk op een uitverkochte show.’   

 

Dit is een artikel uit Tilburg Insight Editie #2. Lees het hele magazine hier.